Hoog tijd voor eigen visie pensioenfondsbestuurders

Elke dag gaan in Nederland meer dan 40.000 beleggers en adviseurs aan de slag om duizenden pensioenfondsbestuurders te ondersteunen in hun taak. Met hart en ziel wordt € 850 mrd belegd om een goed pensioen voor later op te bouwen.

Ondanks deze inzet ligt de pensioenbestuurder onder vuur. De hoogte van het pensioen wordt waarschijnlijk meer dan ooit afhankelijk van veranderingen in rente en aandelen. Daarmee verschuift de aandacht nog meer naar beleggingsrendement en de aansturing van beleggingen. Tegelijkertijd krijgen de bestuurders te horen dat de kosten van de fondsen te hoog zijn en omlaag moeten. Meer pensioen voor de deelnemer, door betere beleggingsresultaten met minder kosten. Maar zijn de fondsbestuurders hier wel klaar voor? Ja, als de bestuurder iets minder naar zijn beleggingsadviseurs luistert en meer zelf aan de bak gaat.

Beter begrip van financiële markten

Beter beleggen begint bij een beter begrip van de financiële markten. Daar valt veel te winnen. Beleggers en pensioenfondsbestuurders zijn geschrokken van de uitzonderlijke schommelingen op de financiële markten in de laatste twee jaren. Ze hadden echter vooral moeten schrikken van het feit dat veel ‘beleggingswaarheden’ op los zand gebaseerd zijn. En dat gaat niet veranderen, want er is gewoon een hoop nog niet bekend. We weten niet of aandelen beter renderen dan obligaties. We weten niet of actief beleggen beter is dan een beleggingsindex volgen, of andersom. En we weten ook niet wat de werkelijke prijs van een aandeel in een bedrijf is, waarmee we dus ook niet weten of een aandeel ‘duur’ of ‘goedkoop is’. Beleggen is geen harde wetenschap, alle briljante rekenaars ten spijt. Dat is een teleurstellende uitkomst na veertig jaar onderzoek.

Een veelgeziene aanpak van beleggers en besturen is het verder inkapselen van onzekerheden. Risicomanagers en comités worden in het leven gehesen, dikke rapportages met nog meer gedetailleerde gegevens worden vlijtig opgesteld. Fijn voor de toezichthouder, maar wel een aanpak die om de hete brij heen draait. Uit eigen onderzoek blijkt dat goede pensioenfondsen en beleggers onzekerheden expliciet omarmen. Zij gieten deze in overtuigingen. We weten inderdaad niet zeker dat actief beleggen beter is dan passief. Maar kunnen we het aannemelijk maken? En draagt het materieel bij aan de fondsdoelstellingen? Beleggingsovertuigingen zijn een visie die een pensioenfonds heeft op hoe financiële markten werken. Geen proza voor de PC Hooftprijs, maar wel heldere uitgangspunten voor debatten. Bij beleggen is er meestal net zoveel onderzoek vóór iets, als tégen iets. De bestuurder moet zelf de knoop doorhakken. Goede bestuurders formuleren die overtuiging. De beste benoemen de consequentie voor het beleggingsproces en de organisatie, en sturen hierop.

Minimaal risico

Pensioenfondsen beleggen omdat ze niet anders kunnen. Bestuurders moeten met minimaal risico hun doelstellingen halen. Vermogensbeheerders beleggen omdat het hun passie is. Zo zwart-wit is het niet, maar het scherpt de geesten. Een pensioenfonds moet daarom niet de aapjes van de schouders van de vermogensbeheerder of adviseurs nemen. Als je een auto koopt wil je rijden, geen exposé over de bougies. Complexiteit is een probleem van de aanbieder, niet van de klant. Een pensioenfonds dat werkt met heldere overtuigingen doet niet alleen zichzelf een plezier, maar ook de vermogensbeheerder. Bestuurders kunnen beter ‘nee’ zeggen tegen nieuwe trends en hypes, maar ook een langetermijnrelatie met hun vermogensbeheerder opbouwen die op realistische verwachtingen gestoeld is.

Zijn fondsbestuurders toegerust op de komende uitdagingen? Ja, met doorzettingsvermogen en eigen visie. Want goed nadenken over en besturen van het beleggingsproces geeft uiteindelijk, meer dan bijvoorbeeld kostenvoordeel of schaal, de doorslag tussen goed en slecht presterende pensioenfondsen.

This entry was posted in BLOG. Bookmark the permalink.

Comments are closed.